Met diabetes naar het verzorgings­tehuis:

zo houdt u zoveel mogelijk regie

Artikel luisteren

Jarenlang heeft u zelf uw diabetes gereguleerd. Maar misschien moet u dit in de (nabije) toekomst overlaten aan anderen, omdat u naar een verzorgingstehuis gaat of omdat er sprake is van beginnende dementie. Zo’n stap kan vragen en onzekerheid oproepen. Wat kunt u verwachten? En hoe kun u zich hierop voorbereiden, zodat u niet volledig de regie verliest? Diactueel sprak hierover met Anita Overes, die zelf sinds haar tiende diabetes type 1 heeft.

Anita Overes werkte 35 jaar als diabetesverpleegkundige en maakte drie jaar geleden de overstap naar de ouderenzorg.

‘Daar werk ik als verpleeg­kundig specialist, vooral met mensen met dementie. Daarnaast houd ik me bezig met het verbeteren van de kwaliteit van de diabeteszorg binnen onze instelling’

Mensen met type 1

Op dit moment heeft ongeveer 20 procent van de mensen die wordt opgenomen in een verzorgingstehuis diabetes. Anita: ‘Naast mensen met diabetes type 2 zullen in de toekomst ook vaker mensen met diabetes type 1 naar een verzorgingstehuis gaan. Dankzij betere behandelingen worden zij steeds ouder en krijgen zij pas later complicaties. Dat is natuurlijk een enorme winst, maar het vraagt ook om specialistische kennis over bijvoorbeeld insulinepompen en glucosesensoren.’

Hypo’s en hypers

Zodra mensen worden opgenomen in een verzorgingstehuis, verandert er veel: de voeding, de tijdstippen van eten en naar bed gaan, lichamelijke inspanning en soms ook de medicatie. ‘Dit heeft allemaal invloed op de diabetesregulatie, zeker als mensen minder goed in staat zijn hun diabetes zelf te regelen, bijvoorbeeld door dementie. Hypo’s kunnen optreden doordat mensen minder of later eten. Hypers liggen op de loer wanneer er eten of drinken wordt aangeboden dat minder gunstig is voor de glucosewaarden. Ook komt het voor dat insuline-injecties worden overgeslagen of dat de glucosewaarden minder regelmatig worden gecontroleerd.’

Doel van de behandeling verandert

Mensen die worden opgenomen in een verzorgingstehuis zijn meestal op leeftijd. Daardoor verandert ook het doel van de diabetesbehandeling. Anita: ‘Bij jongere mensen is de behandeling erop gericht diabetescomplicaties op de lange termijn te voorkomen of te beperken, bijvoorbeeld aan ogen, voeten of nieren. Bij het ouder worden verandert dit. Dan gaat het minder om later en meer om de kwaliteit van leven nu. Dit betekent dat de diabetesbehandeling vaak eenvoudiger kan en de streefwaarden worden versoepeld.

‘Het kan enorm helpen om al voordat je gezondheidssituatie verandert, duidelijk te hebben wat jij belangrijk vindt aan je diabetesbehandeling’

Verpleegkundig specialist Anita Overes

Wat zijn uw wensen?

Al deze veranderingen kunnen gepaard gaan met vragen, onzekerheden en misverstanden. Anita: ‘Mensen zijn vaak al jarenlang gewend om hun diabetes zelf te regelen. Dan kan het moeilijk zijn om dit uit handen te geven. Het is goed om te weten dat een verzorgingstehuis ernaar streeft de zorg zoveel mogelijk af te stemmen op de individuele wensen van bewoners. Maar daarvoor moet het zorgpersoneel wel weten wat jouw wensen zijn.’

Ga tijdig met elkaar in gesprek

‘Daarom kan het enorm helpen om al voordat je gezondheidssituatie verandert, duidelijk te hebben wat jij belangrijk vindt aan je diabetesbehandeling’, vervolgt Anita. ‘Bespreek dit bijvoorbeeld met je naasten. Wie kan de zorg eventueel overnemen of namens jou het woord doen als je dit zelf niet meer kunt? Met je diabetesverpleegkundige of praktijkondersteuner kun je bespreken of en hoe de behandeling in het verzorgingstehuis eventueel kan worden vereenvoudigd.’

Weet wat u van elkaar kunt verwachten

Zet uw wensen bij voorkeur op papier en maak ze kenbaar bij de zorginstelling. Dan weten zij wat uw wensen zijn en kunnen zij aangeven wat zij te bieden hebben. Zo weten jullie wat jullie van elkaar kunnen verwachten. Dat brengt rust en voorkomt misverstanden in een later stadium.

Gesprekskaart biedt ondersteuning

Diabetesvereniging Nederland heeft recent een gesprekskaart ontwikkeld die mensen helpt stil te staan bij vragen als: wat vind ik belangrijk in mijn diabeteszorg? Welke keuzes passen daarbij? En waarom? De kaart helpt om wensen, zorgen en grenzen bespreekbaar te maken met naasten en zorgverleners.

Gesprekskaart aanvragen U kunt de gesprekskaart ‘Nadenken en praten over later met diabetes’ gratis aanvragen via onderstaande button.

Vraag de gratis gesprekskaart aan

Een sensor geeft inzicht

Anita is voorstander van het gebruik van een glucosesensor in het verzorgingstehuis. ‘Met een glucosesensor kunnen zorgprofessionals op afstand volgen hoe het gaat met de glucosewaarden van iemand met diabetes. Ze zien op tijd of het nodig is om in te grijpen. En als het goed gaat, hoeven ze niets te doen. Dit geeft inzicht en scheelt veel zorgmomenten. Ook voor bewoners is het prettig dat ze minder vaak geprikt hoeven te worden. ‘We zien steeds vaker mensen die al een glucosesensor dragen als ze bij ons komen wonen, maar ik stel het ook regelmatig voor bij mensen die er nog geen hebben. Dat hoeft niet permanent te zijn. Vaak volstaat het om mensen eens in de paar maanden een sensor te geven, zodat je kunt kijken hoe iemand ervoor staat.’

Iets hoger is niet erg, maar vermijd hypers

Zoals gezegd wordt een strakke diabetesregulatie minder belangrijk als mensen ouder worden. Het is niet zo erg om af en toe boven de 10 of 12 mmol/l te zitten. Met wat hogere waarden neemt de kans op hypo’s af en daardoor lopen mensen minder risico om te vallen. Toch blijft het belangrijk om erg hoge waarden te voorkomen, meent Anita. ‘Hypers maken mensen gevoeliger voor blaasontstekingen en ook wonden en longontstekingen genezen minder goed als mensen vaak hoge glucosewaarden hebben. Daarbij komt dat mensen door hypers vaker moeten plassen. Mensen die incontinent zijn, liggen daardoor langer in hun eigen urine, en dat is slecht voor de huid. Ook kunnen mensen door hoge bloedsuikers wazig gaan zien of meer last krijgen van pijn onder de voeten. Dit verhoogt het valrisico, en dat is iets wat je bij ouderen echt wilt voorkomen. Het blijft belangrijk voor het zorgpersoneel en eventuele naasten om hierop alert te zijn, als mensen dit zelf niet meer kunnen.’

Verzorgingstehuizen streven ernaar de diabeteszorg zoveel mogelijk af te stemmen op uw wensen en wat voor u belangrijk is. Door daar samen met uw naasten op tijd over te praten, helpt u de zorgverleners om die zorg straks zo passend, vertrouwd en veilig mogelijk te maken.